Dalit

De dalits of de onaanraakbaren vormen een groep mensen in India onderaan de maatschappelijke ladder. Zij zijn buiten het kastenstelsel gesloten. Dalit is oorspronkelijk een woord uit het Marathi.

Het gaat om een groep van ruim 260 miljoen mensen, die voornamelijk in India leven en ook in BangladeshNepalPakistan en Sri Lanka. Volgens de volkstelling van 2001 was 16,2% van de Indiase bevolking een dalit.

Het kastenstelsel is een ruim 2000 jaar oud systeem, dat mensen verdeelt in verschillende groepen. Deze groepen hebben een bepaalde positie in de maatschappij. Bovendien zijn er aan de kasten bepaalde rechten en plichten verbonden. Het kastenstelsel is gebaseerd op het idee dat mensen fundamenteel ongelijkwaardig zijn. Die ongelijkwaardigheid komt speciaal tot uiting in het begrip rituele onreinheid, dat niets te maken heeft met gebrek aan hygiëne in moderne medische zin; hindoes die elk contact met onaanraakbaren schuwen, zullen als pelgrim zonder bezwaar water drinken uit de heilige rivier de Ganges, ook al drijven daar lijken om hen heen. Er bestonden vier groepen:

De dalits vielen buiten deze indeling; ze waren kasteloos. Ze mochten niet door leden van de kasten worden benaderd. Een belangrijk gegeven van het kastenstelsel is dat kasten erfelijk zijn. Voor ieder kind wordt al voor de geboorte bepaald welke positie hij of zij zal hebben in de maatschappij.

Dalits doen het smerigste werk voor het laagste loon, zoals het opruimen van dode mensen en dieren, het ontstoppen van riolen, het schoonmaken van toiletten en het wassen van kleren die zijn bevuild met bloed of uitwerpselen. Omdat dalits ritueel als onrein gezien worden moeten ze buiten het dorp wonen. Ze mogen geen gebruik maken van de dorpspomp en er zijn voor hen vaak aparte kopjes bij theestalletjes. Leden van andere kasten willen niets aanraken waar een dalit aan heeft gezeten.

Kastendiscriminatie is na de onafhankelijkheid van India formeel verboden, maar het kastenstelsel bestaat in de praktijk nog steeds. Dalits worden nog altijd buitengesloten en vernederd. Soms worden ze zelfs gelyncht of gemolesteerd. Ook de kastelozen hebben indelingen of gildes: iemand die met leer werkt staat lager dan iemand die bijvoorbeeld schoonmaakt.